Het MBI wordt door de minister van VWS ingezet als een ultimum remedium bij overschrijdingen van het budget kader zorg. De minister geeft in een aanwijzing aan de NZa over de hoogte van het terug te vorderen bedrag en op welke wijze de terugvordering moet verlopen.
Op korte termijn heeft de NZa geconstateerd dat het terugvorderen van een overschrijding alleen generiek kan verlopen. Dat betekent dat de NZa bij een overschrijding een verdeelsleutel vaststelt voor een terugvordering per zorgaanbieder ( bijvoorbeeld naar aandeel in de gezamenlijke kosten of inkomsten). De NZa wijst per zorgaanbieder aan welk bedrag moet worden verrekend.
De verrekening kan op verschillende wijze verlopen:
1. door teruggave aan de verzekeraars die te veel hebben betaald (naar marktaandeel)
2. door afdracht aan het zorgverzekeringfonds
De hoogte van het MBI wordt bepaalt op basis van drie informatie momenten:
- de hoogte van beschikbare macrobedrag
- de verdeelsleutel
- de overschrijding
Het beschikbare macrobedrag voor het jaar t staat in de bijlage premieuitgaven bij de begroting, gemaakt in het jaar t-1. De verdeelsleutel wordt afgeleid uit stukken over het jaar t van de betrokken instellingen in het jaar t+1. De overschrijding wordt bepaald op basis van schadecijfers jaar t in het jaar t+1.
De NZa krijgt uiterlijk voor 1 december jaar t+1 bericht of er sprake is van een overschrijding
In essentie verandert er niet veel aan de huidige situatie, waarin in jaar t+1 de uitgaven over het vorige jaar worden gemeten.